Veel organisaties schakelen hun arbodienst pas in wanneer een medewerker ziek is
Waarom veel arbodiensten verkeerd worden ingezet
Wanneer werkgevers praten over hun arbodienst, gaat het gesprek vaak over verzuim. Over ziekmeldingen, bedrijfsartsen en dossiers. Maar juist dat laat zien waarom de rol van arbodiensten in veel organisaties verkeerd wordt begrepen.
De meeste organisaties zien de arbodienst pas wanneer iemand ziek wordt
In veel organisaties komt de arbodienst pas in beeld wanneer een medewerker zich ziek meldt.
Vanaf dat moment begint het verzuimproces.
De bedrijfsarts beoordeelt de medische situatie.
Er worden afspraken gemaakt over belastbaarheid en werkhervatting.
Voor veel werkgevers voelt dat als het moment waarop de arbodienst haar werk begint.
Maar in werkelijkheid is dat vaak het moment waarop het probleem al groot is geworden.
Waarom dit beeld ontstaat
Veel organisaties sluiten een contract met een arbodienst omdat het verplicht is.
Werkgevers moeten zich laten ondersteunen bij verzuimbegeleiding.
Dat betekent dat de samenwerking vaak begint vanuit regelgeving.
Niet vanuit strategie.
En wanneer een samenwerking vanuit verplichting begint, wordt de rol vaak beperkt tot het minimum.
De arbodienst als verzuimadministratie
In sommige organisaties wordt de arbodienst vooral gezien als een partij die het verzuimproces begeleidt.
Een soort procesbewaker.
Termijnen controleren.
Bedrijfsartsconsulten organiseren.
Adviezen geven over belastbaarheid.
Dat zijn belangrijke taken.
Maar wanneer de rol daartoe wordt beperkt, blijft een groot deel van de waarde van een arbodienst onbenut.
Wanneer een arbodienst alleen wordt ingezet voor verzuimadministratie, wordt een strategisch instrument gereduceerd tot een processtap.
Wat arbodiensten eigenlijk kunnen betekenen
Arbodiensten kijken niet alleen naar ziekte.
Ze kijken ook naar belastbaarheid.
Werkdruk.
Arbeidsomstandigheden.
En naar de manier waarop organisaties omgaan met gezondheid en inzetbaarheid.
Wanneer organisaties die kennis vroeg inzetten, kunnen problemen soms worden voorkomen voordat ze uitgroeien tot langdurig verzuim.
Waarom dit in de praktijk weinig gebeurt
Veel organisaties zijn druk met de dagelijkse operatie.
Teams draaien.
Projecten lopen.
Beslissingen moeten snel worden genomen.
In die dynamiek wordt gezondheid op de werkvloer vaak pas besproken wanneer er een probleem ontstaat.
En dat is meestal het moment van een ziekmelding.
Het gevolg voor de reputatie van arbodiensten
Wanneer arbodiensten vooral zichtbaar zijn bij ziekte, ontstaat er een bepaald beeld.
Voor werknemers voelt de arbodienst soms als een partij die verschijnt wanneer iemand uitvalt.
Voor werkgevers voelt de arbodienst soms als een partij die regels bewaakt.
En zo ontstaat een reputatie die niet altijd recht doet aan de werkelijke rol van arbodiensten.
Een arbodienst wordt vaak beoordeeld op de problemen die al bestaan wanneer zij in beeld komt.
Wat directies hiervan kunnen leren
Voor directies is het belangrijk om te begrijpen dat verzuim niet alleen een medisch proces is.
Het is ook een organisatievraagstuk.
Werkdruk.
Leiderschap.
Communicatie.
En verwachtingen binnen teams spelen allemaal een rol.
Wanneer organisaties die factoren serieus nemen, verandert ook de manier waarop arbodiensten worden ingezet.
Een andere manier om naar arbodiensten te kijken
In plaats van de arbodienst alleen te zien als begeleider van verzuim, kunnen organisaties ook kijken naar de rol die arbodiensten spelen in preventie.
Niet alleen reageren op problemen.
Maar eerder signaleren wanneer iets dreigt mis te gaan.
Dat vraagt om een andere manier van samenwerken.
Meer gesprek.
Meer inzicht.
En een bredere blik op gezondheid en inzetbaarheid.